Het Genootschap werd getriggerd door een excellent artikel in Wynia’s Week van de hand van Paul Verburgt. Zowel inhoudelijk als qua schrijfstijl een pareltje.

De strekking van dit artikel is dat het in deze tijd van kabinetsformatie (maar ook jaarlijks voorafgaand aan Prinsjesdag) usance is vanuit allerlei sectoren van de maatschappij te schreeuwen om meer geld. Nu is immers het moment waarop principekeuzes worden gemaakt omtrent de verwerving en aanwending van financiële middelen. Nu worden beleidskeuzes gemaakt. De kennelijke opvatting is dat “als er geen reuring wordt veroorzaakt over de vermeende noodzaak tot meer geld”, een sector mogelijk achteraan staat bij de verdeling van de beschikbare middelen. Tevens wordt daarmee impliciet ingespeeld op de breed gedragen misvatting dat “meer geld” de oplossing voor problemen is. Het is voorts gebruikelijk de roep om meer geld te larderen met opgeklopte verhalen die hel & verdoemenis voorspellen. Zoals over een “stuwmeer aan uitgestelde zorg“. Deze stelt echter betrekkelijk weinig voor: opgelost in zegge en schrijve tussen 11,3 en 14,0 operatiedagen.

In genoemd artikel wordt met name ingezoomd op de situatie van de sector: “universiteiten” waarbij een nadrukkelijk pleidooi wordt gehouden aan additioneel te verstrekken middelen nadere voorwaarden te verbinden. Niet vrijblijvend, maar bindend.

Vanuit het perspectief van de belastingbetaler een uitstekende gedachte. Maar ook vanuit het perspectief van de burger in algemene zin. De burger die behoefte heeft aan hoogwaardige instituties met excellente resultaten.

Met het functioneren van die overheid en instituties is het momenteel niet zo best gesteld. Voorbeelden zijn de toeslagen affaire (belastingdienst), elk jaar weer mislukkende ICT projecten (de Nederlandse overheid verspilt jaarlijks tussen de 1 en 5 miljard euro door ICT-mislukkingen. Deze “veilige schatting” presenteerde de parlementaire onderzoekscommissie die onderzoek deed naar ICT-projecten (bron)), de miserabele kwaliteit van het onderwijs (de leesvaardigheid van Nederlandse 15-jarigen is inmiddels gedaald tot onder het OESO-gemiddelde, waardoor bijna 1 op de 5 jongeren het risico loopt laaggeletterd te worden), het zoek raken van bonnetjes bij het ministerie van VWS ad. ruim € 5 mrd. in het kader van de corona bestrijding, etc.. 

Daarbij wordt de kloof tussen de “ambtelijke wereld” en de burger steeds groter. De transparantie van de overheid over haar doen en laten wordt steeds kleiner (De Corona Files). Het dedain naar de, de overheid financierende, burger is inmiddels tenenkrommend. Dat is niet prettig, temeer daar de collectieve sector maar blijft groeien. Inmiddels is 1 op de drie (!) banen in Nederland een baan in de collectieve sector. Zie ter zake ons licht deprimerende feuilleton: Cuba aan de Noordzee

In een dergelijke setting is meer geld bijna nooit de oplossing. Enkele hardliners binnen de gelederen van het Genootschap, zoals Prof. Dr. Akkermans, zijn zelfs van oordeel dat minder geld veel problemen oplost. Minder geld leidt tot betere en scherpere keuzes. Meer focus op de kerntaken. Zoals Akkermans het kernachtig verwoordt: “cut the crap”. Hij stelt: “Meer geld maakt lui. Rupsje nooit genoeg overlijdt uiteindelijk aan obese vervetting”. Akkermans, autoriteit op het gebied van de wetten van Parkinson, wordt nadrukkelijk genoemd voor een functie in het volgende kabinet.

In het artikel van Verburgt wordt opgeroepen aan meer geld voor de universiteiten nadrukkelijke voorwaarden te koppelen zoals:

  • herstel van het vrije woord
  • doorvoeren van integere arbeidsverhoudingen
  • stoppen met de mechanisering van het onderwijs 
  • en echt snijden in de overhead.

Wat ons betreft een goede denkrichting maar uiteindelijk, behalve het laatste punt, “slappe hap” en formuleringen waar je alle kanten mee op kunt. Onvoldoende helder en onvoldoende meetbaar.

In onze perceptie functioneert de wetenschappelijke wereld met daarin de rol van de universiteiten volstrekt onvoldoende. Het is een in zichzelf gekeerde club geworden. Een open wetenschappelijke mind op zoek naar confrontatie van inzichten teneinde wetenschap en mensheid stappen voorwaarts te laten maken, ontbreekt in hoge mate. Wetenschap en universitair onderwijs zijn ordinaire verdienmodellen geworden. In een dwangbuis van belangen, afhankelijkheden, publicatie targets, hiërarchische verhoudingen, geleur voor financiering, cultuurproblemen, etc.. 

Waar was de universitaire wereld toen een “hobby viroloog” als Maurice de Hond stelselmatig de wetenschappelijke inzichten challengde door internationale wetenschappelijke publicaties te verzamelen en te verwerken op het gebied van aerosole besmettingen? In plaats van elk verfrissend idee in de traditie van Karl Popper te omarmen, werd de man geridiculiseerd en kaltgestelt. Er was duidelijk sprake van het “not invented here syndroom”. Hij is niet iemand van ons. Dus dat moeten we niet hebben. Maar wat blijkt? De hele wetenschappelijke virologen goegemeente staat de facto in zijn hemd want de “amateur” heeft gelijk. Het RIVM kwam met haar “pocherige wetenschappelijke basis” niet verder dan handen wassen, mondkapjes en 1,5 meter afstand als het om de besmettingsroutes ging. Waar waren de draaiboeken voor pandemieën? Die waren er niet. Waarom zijn de modellen waarop het RIVM haar beleidsadviezen in de (volgens Hugo de Jonge) “grootste medische crisis ooit” baseert niet openbaar voor brede wetenschappelijke toetsing? Een wetenschappelijke blamage. Niet alleen van het RIVM overigens. Iedereen heeft recht op een incidenteel zwak moment waarin hij bijvoorbeeld blijk geeft enigszins losgezongen te zijn van de maatschappelijke werkelijkheid. Maar het moet niet te gek worden. De wetenschap verdient in brede zin een opfrisbeurt.


Wat betreft de handelswijze van het RIVM en het bewaken van de wetenschappelijke cultuur en integriteit zij tevens verwezen naar: www.virusvaria.nl.

Het Genootschap heeft derhalve een aantal concrete en meetbare aanvullende voorwaarden bij verdere universitaire budgetverruimingen:

  • versobering leaseregelingen: normaal personeel een grijze Ford Fiesta, management een blauwe Ford Fiesta;
  • schrappen van alle studierichtingen waarvan evident is dat uitzicht op werk (en daarmee een stuk terugverdiencapaciteit voor tijdens de studie gemaakte maatschappelijke kosten) onvoldoende is. Akkermans: “wij hebben teveel egyptologen”;
  • stoppen met elke vorm van funding door het bedrijfsleven;
  • budgettair volledig scheiden van de exploitatie van de wetenschappelijke- en de onderwijszijde van de universiteit;
  • alle medewerkers van universiteiten gaan integraal uren schrijven. De belastingbetaler wenst te weten wat men zoal uitvoert;
  • alle patenten en octrooien zijn maatschappelijk- en dus collectief eigendom;
  • beloning voor dwarse denkers middels de instelling van de maandelijkse Karl Popper prijs ad € 1 mln. voor de wetenschapper die blijk geeft de meest onafhankelijke denker te zijn;
  • verplicht publiceren (eventueel geanonimiseerd) van alle onderzoeks- en afstudeerscripties. Deze zijn betaald met belastinggeld en de resultaten zijn in die zin publiek eigendom. Het is absurd dat dit nog steeds niet het geval is, terwijl bijvoorbeeld het MKB van deze kennis uitstekend zou kunnen profiteren. Publiek toegankelijk via internet;
  • 4 jaarlijks rouleren van het bestuur over de instellingen. Wisselingen in bestuur en daarmee in bestuurscultuur zorgen voor meer dynamiek en een frissere bedrijfsvoering;
  • persoonlijke aansprakelijkheid van bestuurders en toezichthouders voor optredende exploitatietekorten;
  • alle universiteiten dienen één uniform administratief ICT platform te hanteren, er is geen geld voor het uitvinden van lokale wielen;
  • buitenlandse studenten studeren voor eigen rekening;
  • jaarlijks toepassen: “zero based budgetting”. Het budget van een universiteit is niet het budget van vorig jaar plus of min een aantal mutaties. Nee het budget is nul (zero), tenzij middels briljante plannen kan worden aangetoond waarom de belastingbetaler überhaupt de portemonnee dient te trekken.

Een blauwe Ford Fiesta, de droom van elke universiteitsbestuurder.

Verdere, de geest van universitaire bestuurders verfrissende, voorstellen kunt u desgewenst bij onze Redactie verkrijgen.

Deel dit artikel: