Selecteer een pagina
Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 6

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 6

Naast de lobbycratie in Nederland en het niet ratificeren van artikel 12 van het verdrag van Lissabon (zie Deel I in dit feuilleton), is sprake van allerlei andere vormen van belangenverstrengeling, ondoorzichtigheid en schimmigheid. In deel 2 stonden centraal: rechters die zich niet aan de wet houden, innige banden tussen rechterlijke macht en advocatuur en mogelijke kongsi’s. In deel 3 wordt ingegaan op bijzondere regelingen voor ons koningshuis en historische corruptie binnen de koninklijke familie. In deel 4 is ingegaan op fraude door het bedrijfsleven: de bouwfraude. In deel 5 vindt inventarisatie plaats van het verschijnsel: kartels. In dit deel worden fiscale rulings behandeld.

Belastingdiensten in vele landen bieden de mogelijkheid zogenaamde “rulings” aan te gaan. Dat is ook in Nederland het geval. In algemene zin is een ruling simpelweg een afspraak tussen de Belastingdienst en een belastingplichtige over de wijze waarop de fiscale wetgeving in een specifieke situatie moet worden uitgelegd en toegepast. Een ruling is dus de vastlegging van de interpretatie van fiscale wetgeving door Belastingdienst en belastingplichtige. Duitsland kent geen rulings.

Als we het over de rulingpraktijk hebben dan gaat het vaak om multinationale ondernemingen die zekerheid willen over bijvoorbeeld transferpricing, de gevolgen van bepaalde financieringen, de toepassing van de deelnemingsvrijstelling, verdragstoepassing e.d.. Indien u een indruk wilt verkrijgen over de omvang van het aantal rulings, kunt u dit Jaarverslag van de Belastingdienst over 2019 bekijken.

Rulings hebben altijd een wat duister karakter gehad. Er heerst een zweem van een soort fiscaal handjeklap met louche fiscale deals. Een zweem van rechtsongelijkheid waarbij “deals worden gesloten” tussen de Belastingdienst en grote, invloedrijke ondernemingen. 

Het Genootschap acht dit zeer onwenselijk. Rulings zijn niet openbaar. Daardoor wordt de smoezelige zweem gevoed. Wij zijn van oordeel dat zoals gezegd: rulings bedoeld zijn om de uitleg van de belastingwetgeving voor een specifieke situatie te bepalen, dan is er niets op tegen om deze rulings openbaar te maken:

  • iedereen moet er kennis van kunnen nemen wat de uitleg van de fiscus in een specifieke situatie is (kennisdeling over fiscale wetgeving);
  • openbaarheid draagt bij aan de ontwikkeling van een soort algemeen kennisniveau omtrent de toepassing van de fiscale wetgeving, zoals ook (openbare) juridische rechtspraak leidt tot het voortdurend ontwikkelen van de wijze waarop wetten worden toegepast in de steeds veranderende samenleving. Fiscaal recht is breder dan enkel fiscale wetten. Ook de rechtspraak (jurisprudentie) in fiscale aangelegenheden, rulings en gewoonten zijn fiscale rechtsbronnen;
  • door openbaarheid kan worden geëtaleerd dat er geen afwijkende afspraken met ondernemingen worden gemaakt dan die voor iedereen in soortgelijke situatie gelden (borgen rechtsgelijkheid);
  • openbaarheid levert een bijdrage aan het voorkomen van potentiële ambtelijke corruptie;
  • openbaarheid levert een bijdrage in het versterken van het vertrouwen van de burger (en bedrijven) in de overheid.


AVG speelt geen enkele rol. Rulings kunnen worden geanonimiseerd. Commerciële belangen mogen geen enkele rol spelen. Er dient sprake te zijn van rechtsgelijkheid.


De toeslagenaffaire heeft geïllustreerd wat het voor een individu kan betekenen als zij wordt benadeeld door de overheid of een overheidsinstituut (ook Belastingdienst). De overheid heeft een lange adem en beschikt over dusdanige middelen dat het individu het bijzonder moeilijk kan opnemen tegen die overheid in geval men zich tekortgedaan voelt.

De terughoudendheid van de overheid inzake het betrachten van transparantie over haar doen en laten is ook in bredere zin te bekritiseren. Zie: De Corona Files.

Kortom: het Genootschap is van oordeel dat rulings volledig openbaar dienen te zijn en “ter Leering ende Vermaeck” eenvoudig raadpleegbaar dienen te zijn via een internet portal. Ook vanuit de EU liggen er nadrukkelijke aanbevelingen om belastingrulings op te nemen in een openbaar nationaal register.

Het Genootschap huldigt het principe:

“Het is de plicht van de overheid en overheidsinstituties om volstrekt transparant verantwoording af te leggen en het is de plicht van de burger daarop doorlopend toe te zien. Wie de wet verzet al naar het uitkomt, baant de weg voor het recht van de sterkste”.

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 5

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 5

Naast de lobbycratie in Nederland en het niet ratificeren van artikel 12 van het verdrag van Lissabon (zie Deel I in dit feuilleton), is sprake van allerlei andere vormen van belangenverstrengeling, ondoorzichtigheid en schimmigheid. In deel 2 stonden centraal: rechters die zich niet aan de wet houden, innige banden tussen rechterlijke macht en advocatuur en mogelijke kongsi’s. In deel 3 wordt ingegaan op bijzondere regelingen voor ons koningshuis en historische corruptie binnen de koninklijke familie. In deel 4 is ingegaan op fraude door het bedrijfsleven: de bouwfraude. In deel 5 vindt inventarisatie plaats van het verschijnsel: kartels.

Een kartel is een groep bedrijven dat afspraken maakt om de onderlinge concurrentie te beperken.
Dit is ongunstig voor de concurrentie en daarmee voor de consument en de economische groei. Daarom zijn kartels verboden. De gevolgen van kartelvorming kunnen groot zijn voor:

  • de prijs: omdat er geen druk is van concurrenten, blijft de prijs hoog;
  • de kwaliteit: bedrijven hoeven zich niet te onderscheiden door de kwaliteit van hun product;
  • het aanbod: bedrijven krijgen geen prikkels om hun aanbod van producten uit te breiden.

Een bekend voorbeeld van een kartel is de bouwfraude in de jaren ’90. Grote bouwbedrijven maakten onderling verboden prijsafspraken. Hierdoor betaalden opdrachtgevers teveel voor bouwopdrachten.

Wie denkt dat de bouwfraude een uitzonderlijke situatie betreft, heeft het mis. De meeste kartels komen niet zo in de publiciteit. De bouwfraude trof in hoofdzaak de overheid als opdrachtgever. Kartels zijn er in overvloed. De meeste worden niet ontdekt, kartels zijn door ondermeer hun verboden karakter immers geheim. Daarnaast proberen kartels publicatie na veroordeling vaak langs juridische weg te voorkomen. Maar ook het aantal wel ontdekte en gepubliceerde kartels is bijzonder groot.

Het Genootschap nam de moeite er een aantal te inventariseren zodat u zich een beeld omtrent de aard en omvang van deze problematiek kunt vormen:

  • Duitse autoproducenten kartel (juli 2021) (bron)
  • Foodbedrijven kartel (oktober 2019) (bron)
  • Muziekinstrumenten kartel (augustus 2021) (bron)
  • Banken kartel (mei 2021) (bron)
  • Frituurvet kartel (oktober 2021) (bron)
  • Spoorwegbedrijven kartel (april 2021) (bron)
  • Sigarettenfabrikanten kartel (september 2020) (bron)
  • Fietsfabrikanten kartel (april 2004) (bron)
  • Verkeersregelsystemen kartel (november 2007) (bron)
  • Zilveruien kartel (mei 2012) (bron)
  • Grond-, weg- en waterbouw kartel (oktober 2004) (bron)
  • Rijwielhandelaren kartel (november 2003) (bron)
  • Uienhandelaren kartel (februari 2013) (bron)
  • Betonnen garageboxen kartel (april 2006) (bron)
  • Executieveilingen kartel (december 2011) (bron)
  • Sloopbedrijven kartel (december 2012) (bron)
  • Schildersbedrijven kartel (juni 2009) (bron)
  • Groenvoorziening kartel (december 2005) (bron)
  • Meelproducten kartel (december 2010) (bron)
  • Installatiesector kartel (oktober 2005) (bron)
  • Thuiszorg kartel (juli 2012) (bron)
  • Taxivervoer kartel (maart 2013) (bron)
  • Etc. etc. etc.

Prominent blijkt de automobiel gerelateerde industrie (toeleveranciers) actief op het gebied van de kartelvorming:

De lijst is schier onuitputtelijk. Veel branches blijken hiervoor kennelijk niet immuun. Niet bekend is de verhouding tussen wel en niet opgehelderde kartels. Onderzoek en bewijsvoering over kartels is geen eenvoudige zaak. Vaal afhankelijk van het bestaan van klokkenluiders of toevallige onthulling.

De NMa (Nederlandse Mededingingsautoriteit) meldde trots in haar jaarverslag 2000: “Nederland heeft sinds het aantreden van de Nederlandse mededingingsautoriteit (NMa) zo’n 350 kartels minder.”

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 4

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 4

Naast de lobbycratie in Nederland en het niet ratificeren van artikel 12 van het verdrag van Lissabon (zie Deel I in dit feuilleton), is sprake van allerlei andere vormen van belangenverstrengeling, ondoorzichtigheid en schimmigheid. In deel 2 stonden centraal: rechters die zich niet aan de wet houden, innige banden tussen rechterlijke macht en advocatuur en mogelijke kongsi’s. In deel 3 wordt ingegaan op bijzondere regelingen voor ons koningshuis en historische corruptie binnen de koninklijke familie. In deel 4 gaan wij in op fraude door het bedrijfsleven: de bouwfraude.

De bouwfraude
In 2002 hield de Tweede Kamer een parlementaire enquête naar fraude in de Nederlandse bouwsector. Uit de enquête bleek dat er sprake was van grootschalige fraude in de bouw. Door onderlinge prijsafspraken had de staat vele miljoenen te veel betaald aan de bouwbedrijven. De doorgaans passieve houding van personen op hoge posities in het bedrijfsleven, het landsbestuur en bij toezichthoudende instanties zorgde ervoor dat dit systeem jarenlang in stand kon blijven. Er kwam geen concreet bewijs voor de bewering dat ambtenaren waren omgekocht.

Het televisieprogramma Zembla van VARA/NPS zond op 9 september 2001 een reportage uit over vermeende illegale prijsafspraken in de bouwnijverheid in Nederland bij opdrachten van de overheid. De titel ‘Sjoemelen met miljoenen’ vatte de boodschap van het programma kernachtig samen: het zou gaan om forse malversaties bij de aanbesteding van bouwprojecten.

De voormalige technische directeur van het bouwbedrijf Koop Tjuchem, Ad Bos, toonde een schaduwboekhouding over de periode 1988-1998 waaruit deze frauduleuze praktijken zouden blijken. Bedrijven zouden verboden prijsafspraken maken en onderling kosten verrekenen. In de bouwwereld zou verder een omvangrijk zwart betalingscircuit bestaan, ten koste van de opdrachtgever aan wie stelselmatig te veel in rekening werd gebracht. Via onderlinge verrekeningen compenseerde men op grote schaal de kosten voor het opstellen van offertes, hetgeen sinds 1992 door de Europese Commissie verboden is. 

Video:

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 3

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 3

Naast de lobbycratie in Nederland en het niet ratificeren van artikel 12 van het verdrag van Lissabon (zie Deel I in dit feuilleton), is sprake van allerlei andere vormen van belangenverstrengeling, ondoorzichtigheid en schimmigheid. In deel 2 stonden centraal: rechters die zich niet aan de wet houden, innige banden tussen rechterlijke macht en advocatuur en mogelijke kongsi’s. In deel 3 wordt ingegaan op bijzondere regelingen voor ons koningshuis en historische corruptie binnen de koninklijke familie.

Gebrekkige transparantie
De financiën van het Koninklijk huis zijn niet openbaar. De documenten uit het Koninklijk archief zijn niet openbaar toegankelijk. Rondom de financiën van de Oranjes hangt veel schimmigheid. Schimmigheid die niet past bij een transparante overheid. Leden van het Koninklijk huis hebben wel recht op ruim 6 miljoen euro als vergoeding voor ‘materiële en personele kosten’, maar waaraan dat besteed wordt is schimmig. Betreffende bedragen gaan in ieder geval niet naar chauffeurs, koetsiers, onderhoudspersoneel, monteurs, het onderhoud van de paleizen, de beveiliging, de voorlichting van de RVD, het faunabeheer, de vliegreizen of de administratie. Die worden namelijk rechtstreeks betaald uit de rijksbegroting.


Lockheed affaire
Lockheed benaderde al in 1959 prins Bernhard om te lobbyen voor het F-104 gevechtsvliegtuig. Dit gebeurde met behulp van goede vriend Fred Meuser die in 1954 bij Lockheed in dienst was getreden op voorspraak van de prins. De twee kenden elkaar nog uit de oorlog waar beiden in het zelfde RAF-squadron vlogen. Volgens Anthony Simpson, auteur van The Arms Bazaar, zou Nederland in 1959 de F-104 aangeschaft hebben dankzij hulp van Bernhard. Niet geheel toevallig zou Lockheed na de verkoop overwegen een JetStar-vliegtuig cadeau te doen aan prins Bernhard. Toen deze plannen boven tafel kwamen, ontkende Lockheed in alle toonaarden dat het zou gaan om een betaling voor geleverde diensten. In plaats daarvan werd gesteld dat het een gift was die bij zou dragen aan een gunstig klimaat voor de verkoop van Lockheed-producten in Nederland, zo schrijft William Hartung, auteur van Prophets of War. Bron: Transparency International.

Video:


Speciale regelingen
Als enige familie in Nederland krijgen de Oranjes een exclusieve behandeling in de Grondwet, hoewel de eerste regel van onze constitutie dat verbiedt: ‘Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.’

De toevoeging ‘gelijke gevallen’ staat er niet voor niets, want de koning is vergeleken met de overige Nederlanders een geval apart en evident meer gelijk dan ieder ander. Het woordje ‘geboorte’ lijkt zorgvuldig te zijn vermeden als grond voor discriminatie en de term ‘onder welke grond dan ook’ slaat kennelijk niet op vorstelijke geboortes.

De leden van het Koninklijk Huis zijn belastingplichtig. Alleen de uitkeringsgerechtigde leden van het Koninklijk Huis hebben volgens artikel 40 van de Grondwet “fiscale vrijstellingen voor de uitkeringen en voor delen van het vermogen die van belang zijn voor de uitvoering van het Koningschap”.

De Wet op het Kroondomein is een mooi voorbeeld dat de Oranjes wel de lusten maar niet de lasten willen. Koningin Wilhelmina was bang dat haar kroondomeinen na haar dood zouden worden verdeeld. Dat had tot versnippering geleid, wat ze als natuurliefhebster ongewenst vond. Ze besloot haar bezit aan de staat te ‘schenken’. Het exploitatierecht bleef echter, net als vroeger bij het oorspronkelijke domein het geval was, gewoon bij haar en haar erven. De schenking omvatte een complex landerijen van meer dan 6730 hectare met ongeveer 75 boerderijen, woningen en andere gebouwen. De regering aanvaardde het geschenk in ‘eerbiedige dankbaarheid’ hoewel ze fors in de buidel moest tasten. De Juliana had namelijk zo haar voorwaarden gesteld. Zij (en haar erfgenamen) mochten over alle inkomsten van het domein blijven beschikken, inclusief het genot van de jacht. De staat nam de onderhoudskosten voor zijn rekening. Bovendien heeft hij zich verplicht om – mocht de republiek uitbreken – het hele bezit aan Wilhelmina’s erfgenamen terug te geven. Is dat om de een of andere reden niet mogelijk, dan vergoedt de staat de waarde van de kroondomeinen, vermeerderd met de wettelijke rente. Dat alles staat zwart op wit in de Wet op het Kroondomein. Voor de koninklijke familie was er dus niet bar veel veranderd, behalve dan dat ze de onderhoudskosten had afgewenteld op de belastingbetaler. Wel de lusten maar liever niet de lasten. 

Video:


Moreel Kompas is geen republikeins genootschap. De monarchie kan uitstekend functioneren in ons staatsbestel. Wel zijn wij van mening dat dat alleen kan in volstrekte transparantie. Daar waar schimmigheid optreedt, kan een voedingsbodem ontstaan voor speculatie en de schijn tegen. En afnemend draagvlak.

Het Genootschap huldigt het principe:
“Het is de plicht van de overheid en overheidsinstituties om volstrekt transparant verantwoording af te leggen en het is de plicht van de burger daarop doorlopend toe te zien. Wie de wet verzet al naar het uitkomt, baant de weg voor het recht van de sterkste”.

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 2

Corruptie in Nederland – doen wij het wel zoveel beter dan de Italianen? Deel 2

Naast de lobbycratie in Nederland en het niet ratificeren van artikel 12 van het verdrag van Lissabon (zie Deel I in dit feuilleton), is sprake van allerlei andere vormen van belangenverstrengeling, ondoorzichtigheid en schimmigheid. Dit keer een excerpt uit het werk van Mr. Paul Ruijs. Een man met een missie, een Don Quichot in het juridische landschap van officieren van justitie, rechters en advocaten. Over rechters die zich niet aan de wet houden, innige banden tussen rechterlijke macht en advocatuur en mogelijke kongsi’s.

Café Weltschmerz klassiekers met Paul Ruijs: 

Her en der wordt in de video’s verwezen naar het “IRM rapport”. 
IRM staat voor Integriteit Rechterlijke Macht. Een klassieker uit 1996.


Het Genootschap huldigt het principe:
“Het is de plicht van de overheid en overheidsinstituties om volstrekt transparant verantwoording af te leggen en het is de plicht van de burger daarop doorlopend toe te zien. Wie de wet verzet al naar het uitkomt, baant de weg voor het recht van de sterkste”.

1 op 6 ambtenaren aangezet tot niet-integer werken

1 op 6 ambtenaren aangezet tot niet-integer werken

Een op de zes rijksambtenaren is weleens onder druk gezet iets te doen wat eigenlijk niet hoort, vaak (in 68 procent van de gevallen) in opdracht van een leidinggevende. Bekijk hier het hele rapport van FNV uit 2018.
Inmiddels hebben wij kennis kunnen maken met de “Rutte Doctrine” van Omtzigt.

Uitkomsten aanpassen
In de meeste gevallen, 34 procent, werd gevraagd informatie achter te houden of uitkomsten van rapporten aan te passen (25 procent). Dat meldt FNV Overheid na een online onderzoek dat 1368 rijksambtenaren hebben ingevuld. Het niet-integer handelen heeft volgens een grote meerderheid (85 procent) gevolgen voor het publieke en maatschappelijke belang. Zo kan er beleid komen op basis van onjuiste informatie of kan geld verkeerd worden besteed. Ruim de helft van de ambtenaren ervaart daardoor klachten als stress, angst of schuldgevoelens.

Justitie en BZK
Integriteitsproblemen komen volgens het onderzoek het meest voor bij de ministeries van Justitie en Veiligheid (22 procent), Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (22 procent) en Volksgezondheid Welzijn en Sport (20 procent). Bij het ministerie van Financiën, waar volgens de meeste deelnemers aan het onderzoek veel aandacht is voor integer handelen, voelt 9 procent zich weleens onder druk gezet.

Klokkenluiders
FNV Overheid riep minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken) op maatregelen te nemen. ‘Rijksambtenaren moeten hun werk zo zorgvuldig mogelijk kunnen blijven doen en ze moeten ook in alle veiligheid misstanden kunnen melden. Dit kan alleen als er bijvoorbeeld onafhankelijke vertrouwenspersonen komen en door een verdere versterking van het Huis voor Klokkenluiders’, zei FNV-bestuurder Mick Bleijerveld.

Verontrustend
Ollongrens ministerie noemde de cijfers ‘verontrustend’. Het was ook verrast, omdat eigen periodiek onderzoek van het departement onder alle rijksambtenaren niet aan het licht bracht dat de misstanden zo groot waren. ‘We moeten daar iets mee. We gaan de inhoud van dit rapport dan ook verder beoordelen en kijken wat we hieraan kunnen doen.’ 

Wat doe je daarop als minister: nog een onderzoek laten uitvoeren. Een zogenaamd Flitspanelenonderzoek.

De hele zaak is als Kamerstuk gepubliceerd op 28 mei 2019. De minister besloot met: “Bovenstaande betekent dat er voor het Rijk een inspanningsverplichting ligt om op diverse fronten verbetering te bewerkstelligen. Ik doe dat graag werkende weg en in nauwe samenwerking tussen de verschillende ministeries en met betrokkenheid van de medezeggenschap. Ik zal voorts met de FNV in gesprek blijven over de te verrichten inspanningen en de effectiviteit daarvan.”. Enfin er is toen van alles in gang gezet van klokkenluiders regeling tot vertrouwenspersonen. Zie Tweede Kamer dossier: 28844

Hoe zou het er inmiddels voor staan ?

De aanhoudende reeks integriteitsaffaires staat niet op zichzelf, maar is symptomatisch voor een systeem dat gaandeweg aan de kwaliteit van publieke dienstverlening, de geloofwaardigheid van en het vertrouwen in de overheid ondermijnt. De huidige roep om een andere bestuurscultuur en de vraag om een eerlijke, betrouwbare en integere overheid met meer transparantie en openheid, meer tegenspraak en ruimte voor ambtelijk vakmanschap klinkt nu luider dan ooit.

Tijd voor weer een (onafhankelijk) FNV onderzoekje!